Gedeelde aansprakelijkheid bij een verkeersongeval
Bij een verkeersongeval hoeft niet altijd één partij volledig verantwoordelijk te zijn. Het kan gebeuren dat twee of meer verkeersdeelnemers ieder door hun gedrag hebben bijgedragen aan het ontstaan van de botsing of de schade. Een automobilist kan bijvoorbeeld te hard hebben gereden terwijl de andere verkeersdeelnemer geen voorrang verleende. Of twee automobilisten kunnen ieder een verkeersfout hebben gemaakt. In zo'n situatie kan de schade tussen partijen worden verdeeld. Dat betekent niet automatisch dat de aansprakelijkheid altijd 50/50 wordt verdeeld. Er moet worden onderzocht in welke mate de omstandigheden aan iedere zijde hebben bijgedragen aan het ontstaan van de schade. Vervolgens kan onder omstandigheden ook de billijkheid invloed hebben op de uiteindelijke verdeling.
Kort antwoord
Wanneer zowel de benadeelde als de aansprakelijke partij aan het ontstaan van de schade heeft bijgedragen, kan artikel 6:101 BW van toepassing zijn. In de kern wordt de vergoedingsplicht dan verminderd door de schade over beide partijen te verdelen naar evenredigheid van de mate waarin de aan ieder toe te rekenen omstandigheden tot de schade hebben bijgedragen. Daarna kan de billijkheid aanleiding geven om van die causale verdeling af te wijken. Bij fietsers en voetgangers die worden aangereden door een motorrijtuig kunnen daarnaast bijzondere beschermingsregels gelden. De gebruikelijke causale verdeling mag daarom niet zonder meer worden gelijkgesteld aan het uiteindelijke percentage schadevergoeding.
Wanneer is sprake van gedeelde aansprakelijkheid?
Van een gedeelde verantwoordelijkheid kan sprake zijn wanneer gedragingen of omstandigheden aan verschillende zijden hebben bijgedragen aan dezelfde schade. Bijvoorbeeld:
- een automobilist rijdt te hard terwijl een andere bestuurder geen voorrang verleent
- een bestuurder slaat af zonder voldoende op te letten terwijl een fietser tegen de toegestane rijrichting in rijdt
- een motorrijder rijdt aanzienlijk te hard terwijl een automobilist hem geen voorrang verleent
- twee bestuurders reageren allebei onvoldoende op een gevaarlijke verkeerssituatie
In zulke gevallen is het meestal onvoldoende om slechts te constateren dat beide partijen een fout hebben gemaakt. De belangrijkere vraag is: hoe zwaar heeft iedere gedraging bijgedragen aan het ontstaan van de schade?
Is de verdeling automatisch 50/50 als beide partijen een fout maakten?
Nee. Een 50/50-verdeling is geen standaardregel. Twee partijen kunnen allebei een verkeersfout hebben gemaakt, terwijl de ene fout veel belangrijker is geweest voor het ontstaan van de botsing dan de andere. Een mogelijke causale verdeling kan bijvoorbeeld zijn:
- 50/50
- 60/40
- 70/30
- 75/25
- 80/20
- of een andere verhouding
In een verkeerszaak tussen een automobilist en motorrijder werd bijvoorbeeld 50% eigen schuld aan de motorrijder aangenomen vanwege onder meer te hard en gevaarlijk rijden, terwijl de automobilist aansprakelijk was wegens het niet verlenen van voorrang. Dit illustreert dat de rechter de concrete gedragingen en hun bijdrage beoordeelt en geen automatisch percentage toepast.
Hoe wordt bepaald wie voor welk percentage aansprakelijk is?
Bij de beoordeling wordt eerst gekeken naar de causale bijdrage van de omstandigheden aan beide zijden. Dat wordt vaak de causaliteitsverdeling genoemd. De vraag is bijvoorbeeld: in welke mate zou de schade zijn voorkomen als partij A anders had gehandeld, en in welke mate als partij B anders had gehandeld? Daarbij kunnen onder andere relevant zijn:
- snelheid
- voorrang
- verkeerslichten
- afstand
- zicht
- positie op de weg
- oplettendheid
- richtingverandering
- onverwachte manoeuvres
- reactiemogelijkheden
- omstandigheden van de weg
- verkeersdrukte
Het gaat dus niet uitsluitend om het aantal overtreden verkeersregels.
Wat is een causaliteitsverdeling?
Een causaliteitsverdeling is de juridische beoordeling van de relatieve bijdrage die gedragingen of omstandigheden aan beide kanten aan de schade hebben geleverd. Stel: automobilist A verleent geen voorrang, automobilist B rijdt aanzienlijk te hard, en beide gedragingen hebben aan de botsing bijgedragen. Dan moet worden beoordeeld hoe zwaar beide oorzaken wegen. Als de verkeersfout van A bijvoorbeeld duidelijk zwaarder heeft bijgedragen dan de snelheid van B, hoeft de verdeling niet 50/50 te zijn. Het uiteindelijke percentage moet uit de feiten en omstandigheden worden gemotiveerd.
Voorbeeld: geen voorrang én te hoge snelheid
Een bestuurder rijdt een voorrangsweg op zonder voldoende voorrang te verlenen. Tegelijkertijd rijdt de bestuurder op de voorrangsweg aanzienlijk harder dan toegestaan. Zonder de voorrangsfout was het ongeval mogelijk niet gebeurd. Maar wanneer de andere bestuurder langzamer had gereden, had hij de botsing mogelijk eveneens kunnen voorkomen of waren de gevolgen minder ernstig geweest. Beide gedragingen kunnen daarom relevant zijn. Er kan vervolgens bijvoorbeeld een verdeling ontstaan waarbij de ene partij een groter aandeel draagt dan de andere.
Welke rol spelen verkeersregels?
Een overtreden verkeersregel kan belangrijk bewijs zijn voor aansprakelijkheid. Denk aan:
- geen voorrang verlenen
- door rood rijden
- te hard rijden
- onvoldoende afstand houden
- een onveilige inhaalmanoeuvre
- onjuist afslaan
- onvoldoende rekening houden met ander verkeer
Maar aansprakelijkheid is niet altijd uitsluitend de vraag: wie overtrad een verkeersregel? Ook moet worden onderzocht hoe die overtreding daadwerkelijk heeft bijgedragen aan de botsing. Daarom kan een verkeersdeelnemer die een duidelijke verkeersfout heeft gemaakt toch niet noodzakelijk 100% van de schade hoeven dragen.
Wat als één verkeersfout veel ernstiger was?
Dan kan dat terugkomen in de causaliteitsverdeling. Stel dat partij A een relatief beperkte fout maakt, terwijl partij B een verkeersfout maakt die vrijwel rechtstreeks tot de botsing leidt. Dan kan het aandeel van partij B aanzienlijk groter worden vastgesteld. Andersom kan ook een fout die op het eerste gezicht ernstig lijkt feitelijk weinig aan de botsing hebben bijgedragen. De beoordeling blijft daarom sterk afhankelijk van de toedracht.
Is gedeelde aansprakelijkheid hetzelfde als eigen schuld?
Niet helemaal. De begrippen overlappen, maar het perspectief verschilt.
Bij eigen schuld wordt bekeken of omstandigheden aan de zijde van de benadeelde ertoe leiden dat een gedeelte van zijn eigen schade voor eigen rekening blijft. Bij gedeelde aansprakelijkheid staat breder centraal dat verschillende betrokkenen aan het ongeval of dezelfde schade hebben bijgedragen en hoe de verantwoordelijkheid vervolgens moet worden verdeeld. Wanneer een benadeelde zelf mede aan zijn schade heeft bijgedragen, komen beide onderwerpen vaak samen. Zie voor de uitwerking van de wettelijke systematiek artikel 6:101 BW en eigen schuld.
Voorbeeld: fietser rijdt tegen de richting in
Een auto slaat rechtsaf. Tegelijkertijd rijdt een fietser rechtdoor over een fietspad, maar tegen de toegestane rijrichting in. Beide gedragingen kunnen relevant zijn voor de botsing. In een gepubliceerde zaak over zo'n situatie kwam de rechtbank tot een causale verhouding waarbij de automobilist voor 75% en de fietser voor 25% aan het ontstaan van het ongeval hadden bijgedragen. Dat voorbeeld laat vooral zien dat een rechter de concrete gedragingen tegen elkaar afweegt. Het betekent niet dat ieder vergelijkbaar ongeval automatisch tot 75/25 leidt. Meer over de bijzondere bescherming van fietsers leest u bij artikel 185 WVW en fietser aangereden door een auto.
Wat geldt bij een voetganger en een auto?
Ook voetgangers behoren bij artikel 185 WVW tot de bijzonder beschermde verkeersdeelnemers. Een voetganger kan zelf een verkeersfout hebben gemaakt en toch aanspraak houden op vergoeding van schade. Bij een voetganger van 14 jaar of ouder kan onder de daarvoor geldende voorwaarden de 50%-regel relevant zijn. Daarom moet bij een aanrijding tussen een auto en voetganger niet alleen naar de causale verdeling worden gekeken.
Wat geldt voor kinderen?
Voor fietsers en voetgangers jonger dan 14 jaar bestaat een nog sterkere beschermingsregel. Bij een ongeval met een motorrijtuig geldt in de rechtspraak in beginsel de 100%-regel, behoudens de uitzonderingssituatie van opzet of aan opzet grenzende roekeloosheid. Een verkeersfout van een jong kind leidt daardoor niet op dezelfde manier tot een verdeling van zijn persoonlijke schade als bij volwassen verkeersdeelnemers. Lees verder: kind aangereden en aansprakelijkheid bij een verkeersongeval met een kind.
Geldt de 50%-regel ook tussen twee auto's?
Nee. Bij een botsing tussen twee auto's geldt deze bijzondere beschermingsregel niet. Wanneer beide automobilisten aan het ontstaan van de schade hebben bijgedragen, kan de schade wel volgens artikel 6:101 BW worden verdeeld. Bijvoorbeeld: automobilist A verleent geen voorrang, automobilist B rijdt te hard, en beide gedragingen dragen aan de botsing bij. Dan kan een causale verdeling worden gemaakt, gevolgd door een eventuele billijkheidsbeoordeling. Maar er bestaat niet automatisch een beschermde minimumvergoeding van 50% zoals die onder voorwaarden voor bepaalde fietsers en voetgangers geldt.
Hoe werkt gedeelde aansprakelijkheid tussen een auto en motor?
Een motorrijder valt niet onder dezelfde bijzondere bescherming als een fietser of voetganger. Wanneer zowel de automobilist als de motorrijder een verkeersfout heeft gemaakt, moet daarom in beginsel worden gekeken naar de gewone aansprakelijkheidsregels en eventuele eigen schuld. In gepubliceerde rechtspraak is bijvoorbeeld een zaak te vinden waarin een automobilist geen voorrang verleende en een motorrijder tegelijkertijd te hard en gevaarlijk reed. De motorrijder kreeg uiteindelijk 50% eigen schuld toegerekend. Ook hier geldt: dit percentage hoort bij de feiten van die zaak en is geen standaard voor andere motorongevallen.
Wat als drie of meer partijen betrokken zijn?
Een verkeersongeval kan ook meerdere veroorzakers hebben. Denk bijvoorbeeld aan:
- een kettingbotsing
- meerdere voertuigen op een kruispunt
- een bestuurder en een andere verantwoordelijke partij
- meerdere gedragingen die gezamenlijk dezelfde schade veroorzaken
Wanneer twee of meer personen ieder aansprakelijk zijn voor dezelfde schade, kunnen naast artikel 6:101 BW ook andere regels uit het schadevergoedingsrecht relevant zijn. Artikel 6:102 BW bepaalt voor bepaalde gevallen waarin twee of meer personen verplicht zijn dezelfde schade te vergoeden dat zij hoofdelijk verbonden kunnen zijn. Voor een slachtoffer betekent dit onderwerp juridisch iets anders dan eigen schuld.
Wat betekent hoofdelijke aansprakelijkheid?
Bij hoofdelijke aansprakelijkheid kunnen meerdere aansprakelijke personen ieder voor dezelfde schade tegenover de benadeelde aansprakelijk zijn, waarna tussen die aansprakelijke partijen onderling nog een verdeling kan plaatsvinden. Dit is vooral relevant wanneer meerdere andere partijen de schade hebben veroorzaakt. Dat verschilt van de situatie waarin het slachtoffer zelf eveneens aan zijn eigen schade heeft bijgedragen. Daarom moeten bij een ongeval met drie of meer betrokken partijen eerst de verschillende juridische relaties apart worden onderzocht.
Moet het slachtoffer zelf alle percentages bepalen?
Nee. U hoeft na het ongeval niet zelf juridisch vast te stellen dat een bestuurder voor 60% aansprakelijk is en u voor 40%. Het belangrijkste is eerst dat de feiten goed worden vastgelegd. Denk aan:
- verklaringen
- foto's
- getuigen
- camerabeelden
- dashcambeelden
- verkeerssituatie
- verkeerstekens
- schadebeeld
- politiegegevens
Pas daarna kan worden beoordeeld welke juridische gevolgen daaruit volgen.
Wie moet bewijzen wat er is gebeurd?
De bewijsregels hangen af van welke partij zich op welke feiten beroept. Bij discussie over een verkeersongeval kan daarom belangrijk zijn wie bijvoorbeeld stelt dat een ander te hard reed, iemand geen voorrang verleende, een verkeerslicht rood was, iemand onverwacht van rijstrook wisselde, of sprake was van eigen schuld. De partij die zich op eigen schuld beroept, draagt in beginsel de stelplicht en bewijslast van de daarvoor aangevoerde omstandigheden. Lees verder: aansprakelijkheid bewijzen.
Waarom zijn getuigen en camerabeelden belangrijk?
Een verschil in toedracht kan grote gevolgen hebben voor de schadeverdeling. Stel: bestuurder A zegt dat hij 30 km/u reed, bestuurder B stelt dat A minstens 60 km/u reed. Als snelheid belangrijk is voor de vraag of de botsing voorkomen kon worden, kan dit rechtstreeks invloed hebben op de causaliteitsverdeling. Objectieve informatie zoals camerabeelden, dashcambeelden, voertuiggegevens, onafhankelijke getuigen en sporenonderzoek kan daardoor van grote waarde zijn.
Kan een verzekeraar direct een 50/50-verdeling voorstellen?
Dat kan als standpunt of voorstel, maar 50/50 is geen juridische standaardoplossing voor een onduidelijke toedracht. Vraag daarom waarop het percentage is gebaseerd. Bijvoorbeeld:
- welke verkeersfouten worden aan iedere partij toegerekend?
- welke bewijsmiddelen ondersteunen dat?
- hoe is de causale verhouding bepaald?
- is de billijkheid beoordeeld?
- is artikel 185 WVW van toepassing?
- geldt een bijzondere beschermingsregel?
Een verzekeraar moet een aansprakelijkheidsstandpunt inhoudelijk kunnen motiveren.
Wat als partijen het niet eens worden over het percentage?
Dan kan de aansprakelijkheidsverdeling onderwerp van discussie blijven. Partijen kunnen bijvoorbeeld verschillen van mening over de feitelijke toedracht, de betekenis van bewijs, de causaliteitsverhouding, eigen schuld, toepassing van artikel 185 WVW en een eventuele billijkheidscorrectie. Bij letselschade kan het verschil tussen bijvoorbeeld 50%, 75% en 100% vergoeding financieel aanzienlijk zijn. Daarom kan juridische beoordeling zinvol zijn wanneer het percentage wordt betwist.
Wordt elk schadebedrag met hetzelfde percentage verminderd?
Wanneer een bepaald eigen-schuldpercentage op de schadevergoedingsplicht van toepassing is, kan dit gevolgen hebben voor de te vergoeden schade. Maar voordat een percentage wordt toegepast, moet eerst worden bepaald welke schade door het ongeval is veroorzaakt, welke schade juridisch toerekenbaar is en welke schade voldoende is onderbouwd. Daarna komt de verdeling aan de orde. Daarom is 75% aansprakelijkheid niet hetzelfde als €75.000 schadevergoeding. Het percentage en de omvang van de schade zijn twee afzonderlijke vragen.
Voorbeeld van de berekening, uitsluitend ter illustratie: de vastgestelde schade bedraagt €40.000. Na beoordeling wordt vastgesteld dat 25% van de schade voor rekening van de benadeelde blijft. Dan is het vergoedingspercentage in een eenvoudige rekenkundige situatie 75%. €40.000 × 75% = €30.000. Dit is alleen een rekenvoorbeeld. In echte letselschadezaken kunnen discussie over causaliteit, afzonderlijke schadeposten, toekomstige schade en andere juridische omstandigheden de berekening ingewikkelder maken.
Kan het aansprakelijkheidspercentage later veranderen?
Dat kan. Bijvoorbeeld wanneer later camerabeelden beschikbaar komen, een nieuwe getuige zich meldt, technisch onderzoek wordt uitgevoerd, politiegegevens beschikbaar komen, of eerdere aannames over de toedracht niet blijken te kloppen. Een voorlopig aansprakelijkheidsstandpunt is daarom niet altijd hetzelfde als een definitief juridisch oordeel.
Wat als de andere partij aansprakelijkheid volledig ontkent?
Dan moet eerst worden onderzocht of aansprakelijkheid kan worden vastgesteld. Pas wanneer duidelijk is dat een partij aansprakelijk is, komt een eventuele verdeling wegens omstandigheden aan de zijde van het slachtoffer aan de orde. Het is dus juridisch mogelijk dat discussie bestaat over (1) of iemand aansprakelijk is, en vervolgens (2) voor welk percentage schade moet worden vergoed. Die vragen moeten uit elkaar worden gehouden.
Is gedeelde aansprakelijkheid hetzelfde als meerdere daders?
Nee. Er zijn verschillende situaties. Situatie 1: het slachtoffer draagt zelf bij aan zijn schade — dan speelt vooral eigen schuld en artikel 6:101 BW. Situatie 2: meerdere andere personen veroorzaken dezelfde schade — dan kunnen regels over meerdere aansprakelijke personen en onder omstandigheden hoofdelijke verbondenheid relevant worden. Situatie 3: meerdere partijen én het slachtoffer dragen bij — dan kunnen verschillende regels tegelijk een rol spelen. Juist bij complexe verkeersongevallen is het daarom belangrijk eerst vast te stellen wie welke juridische positie heeft.
Wanneer is juridische beoordeling verstandig?
Een juridische beoordeling kan vooral zinvol zijn wanneer:
- beide partijen verkeersfouten hebben gemaakt
- een verzekeraar zonder duidelijke uitleg 50/50 voorstelt
- u als fietser of voetganger bent aangereden
- artikel 185 WVW mogelijk van toepassing is
- discussie bestaat over de 50%-regel
- de toedracht onduidelijk is
- er meerdere voertuigen betrokken zijn
- verschillende verzekeraars naar elkaar wijzen
- de aansprakelijkheidsverdeling grote gevolgen heeft voor uw schadevergoeding
- u ernstig of langdurig letsel heeft
Een verschil van bijvoorbeeld 20 procentpunt kan bij omvangrijke letselschade financieel veel betekenis hebben.
Geen automatische 50/50-verdeling
Een verdeling van aansprakelijkheid volgt niet automatisch uit het feit dat beide partijen een fout hebben gemaakt. Bepalend is hoe zwaar iedere gedraging heeft bijgedragen aan het ontstaan van de schade.
Laat uw situatie beoordelen
Zijn bij uw verkeersongeval mogelijk meerdere partijen verantwoordelijk of stelt de verzekeraar dat u zelf ook heeft bijgedragen aan het ongeval? Via Claims.nl kunt u informatie over uw situatie invoeren voor een eerste beoordeling. De scan is een hulpmiddel voor een eerste beoordeling en vervangt geen individueel juridisch advies.
Veelgestelde vragen
Bronnen
Lees ook
Juridische achtergrond
Wat kunt u nu doen?
Wilt u weten of u mogelijk recht heeft op schadevergoeding?
Controleer met de gratis AI-claimscan of u mogelijk recht heeft op schadevergoeding.
De AI-claimscan wordt aangeboden via Claims.nl.
Liever een letselschadeadvocaat spreken?
Heeft u letsel opgelopen bij een verkeersongeval en wilt u uw mogelijke letselschadezaak met een advocaat bespreken? Bel gratis 0800-6134.
U wordt rechtstreeks doorgeschakeld naar het letselschadekantoor waarmee Verkeersongevallen.nl samenwerkt. Dit nummer is uitsluitend bedoeld voor mogelijke letselschadezaken.
Deze informatie is algemeen van aard en vormt geen juridisch advies. Wat in uw situatie geldt, is afhankelijk van de omstandigheden. Zie ons redactioneel beleid en onze disclaimer.