Wie is aansprakelijk bij een verkeersongeval?
Wie aansprakelijk is bij een verkeersongeval hangt af van hoe het ongeval is ontstaan, welke verkeersregels golden en welk bewijs beschikbaar is. Het is daarom meestal niet mogelijk om alleen op basis van het soort botsing te bepalen wie de schade moet betalen.
Kort antwoord
Wie aansprakelijk is bij een verkeersongeval hangt af van de oorzaak van het ongeval, de geldende verkeersregels en het bewijs. Vaak is de partij die een relevante verkeersfout maakte aansprakelijk, maar eigen schuld en bijzondere regels voor fietsers, voetgangers en kinderen kunnen de uiteindelijke schadeverdeling beïnvloeden.
Wie is aansprakelijk na een aanrijding?
Bij een aanrijding tussen twee gemotoriseerde verkeersdeelnemers wordt doorgaans onderzocht welke bestuurder een verkeersfout heeft gemaakt en of die fout het ongeval heeft veroorzaakt. Bij een ongeval tussen een motorrijtuig en een fietser of voetganger gelden daarnaast bijzondere beschermingsregels op grond van artikel 185 van de Wegenverkeerswet.
Ook kan het voorkomen dat beide partijen hebben bijgedragen aan het ontstaan van de schade. Dan kan eigen schuld of een verdeling van de schade een rol spelen.
In veel verkeersongevallen begint de beoordeling met de vraag welke verkeersdeelnemer een verkeersregel heeft overtreden of anderszins een fout heeft gemaakt die tot het ongeval heeft geleid. Denk bijvoorbeeld aan:
- geen voorrang verlenen
- door rood rijden
- onvoldoende afstand houden
- onveilig invoegen
- onveilig van rijstrook wisselen
- afslaan zonder voldoende rekening te houden met ander verkeer
- onveilig inhalen
- achteruitrijden zonder voldoende zicht
- onvoldoende rekening houden met de verkeerssituatie
Maar een verkeersfout alleen is niet altijd voldoende om de volledige aansprakelijkheidsvraag te beantwoorden. Ook moet worden gekeken naar het verband tussen de fout en het ongeval, het gedrag van de andere verkeersdeelnemer, eventuele eigen schuld, het beschikbare bewijs en bijzondere wettelijke regels.
Wie bepaalt wie aansprakelijk is?
Bij de civielrechtelijke afhandeling van een verkeersongeval bepaalt de politie in beginsel niet wie de schade moet betalen. De politie vermeldt zelf dat zij niet over de schuldvraag van het verkeersongeval gaat en dat de schadeafhandeling bij betrokkenen en verzekeraars ligt.
Dat betekent niet dat politie-informatie onbelangrijk is. Wanneer de politie bij een ongeval betrokken is, kunnen gegevens over de toedracht worden vastgelegd. Ook kan een proces-verbaal of ongevalsrapport later relevant bewijs bevatten.
Bij de civielrechtelijke beoordeling kunnen uiteindelijk onder meer worden gebruikt:
- verklaringen van betrokkenen
- het schadeformulier
- foto’s
- getuigenverklaringen
- camerabeelden
- dashcambeelden
- politiegegevens
- schadebeelden van voertuigen
- de plaatselijke verkeerssituatie
Welke bestuurder maakte de verkeersfout?
Bij een aanrijding tussen twee motorrijtuigen is de vraag welke bestuurder een relevante verkeersfout heeft gemaakt vaak een belangrijk uitgangspunt.
Een voorbeeld: bestuurder A rijdt op een voorrangsweg. Bestuurder B rijdt vanuit een zijweg de voorrangsweg op en verleent geen voorrang. Als daardoor een botsing ontstaat, ligt het voor de hand om eerst te onderzoeken of bestuurder B door de voorrangsfout aansprakelijk is.
Maar ook dan moeten de overige omstandigheden worden bekeken. Wanneer bestuurder A bijvoorbeeld zelf een verkeersfout heeft gemaakt die aan het ongeval heeft bijgedragen, kan dat invloed hebben op de schadeverdeling.
Een algemene regel als “degene die een verkeersregel overtreedt betaalt altijd alle schade” is daarom te absoluut. Een verkeersfout is een belangrijk onderdeel van de beoordeling, maar ook causaliteit, eigen schuld en bijzondere regels kunnen een rol spelen.
Wat als beide bestuurders een fout maakten?
Het kan voorkomen dat beide verkeersdeelnemers aan het ontstaan van het ongeval hebben bijgedragen. Bijvoorbeeld wanneer de ene bestuurder geen voorrang verleent en de andere bestuurder te hard rijdt of onvoldoende reageert op een gevaarlijke situatie. Dan kan eigen schuld een rol spelen.
Artikel 6:101 BW vormt de wettelijke basis voor het verminderen of verdelen van een schadevergoedingsplicht wanneer omstandigheden die aan de benadeelde kunnen worden toegerekend mede aan de schade hebben bijgedragen. Officiële overheidsbronnen beschrijven dat eigen schuld kan leiden tot vermindering van de aansprakelijkheid of schadevergoeding.
Dat betekent niet automatisch ieder 50%. De verdeling moet worden beoordeeld aan de hand van de omstandigheden van het concrete ongeval.
Wie is aansprakelijk bij een achterop-aanrijding?
Bij een achterop-aanrijding wordt vaak aangenomen dat de achterste bestuurder automatisch aansprakelijk is. Dat is te eenvoudig. Bij de beoordeling kan bijvoorbeeld worden gekeken naar:
- de afstand tussen beide voertuigen
- de snelheid
- de verkeerssituatie
- de reden waarom het voorste voertuig remde
- eventuele onverwachte verkeersbewegingen
- het beschikbare bewijs
In veel situaties kan het gedrag van de achterste bestuurder een belangrijke rol spelen, maar de precieze aansprakelijkheid moet aan de hand van het concrete ongeval worden vastgesteld.
Wie is aansprakelijk op een kruispunt?
Bij een ongeval op een kruispunt staat vaak de voorrang centraal. Relevant kunnen zijn:
- verkeerslichten
- verkeersborden
- haaientanden
- de richting waaruit voertuigen kwamen
- afslaande bewegingen
- de plaats van de botsing
Ook getuigen en foto’s van de verkeerssituatie kunnen belangrijk zijn. Een kruispuntaanrijding moet daarom worden beoordeeld aan de hand van de feitelijke verkeerssituatie op die locatie. Meer over voorrang, verkeerslichten en afslaan leest u op onze pagina over aanrijding op een kruispunt.
Wie is aansprakelijk op een rotonde?
Bij rotondes bestaat geen regel dat verkeer op de rotonde onder alle omstandigheden automatisch voorrang heeft. De plaatselijke verkeersborden, haaientanden en wegmarkering bepalen mede hoe de voorrang is geregeld.
Daarnaast kan een ongeval op verschillende momenten ontstaan:
- bij het oprijden
- tijdens het rijden op de rotonde
- bij een rijstrookwisseling
- bij het verlaten van de rotonde
Daarom moet eerst worden vastgesteld waar en tijdens welke verkeersbeweging de botsing plaatsvond. Meer over de specifieke aandachtspunten leest u op onze pagina over aanrijding op een rotonde.
Wat geldt wanneer een fietser wordt aangereden?
Bij een botsing tussen een motorrijtuig en een fietser gelden bijzondere beschermingsregels. Artikel 185 WVW bevat een bijzondere aansprakelijkheidsregeling voor de eigenaar of houder van een motorrijtuig wanneer schade ontstaat aan niet door dat motorrijtuig vervoerde personen of zaken. De regeling heeft onder meer tot doel kwetsbare ongemotoriseerde verkeersdeelnemers zoals fietsers en voetgangers te beschermen.
Daarom kan een fietser ook bescherming hebben wanneer hij of zij zelf een verkeersfout heeft gemaakt. De exacte schadeverdeling hangt onder andere af van:
- de leeftijd van de fietser
- de verkeersfouten van betrokkenen
- de omstandigheden van het ongeval
- eventuele overmacht
- eventuele eigen schuld
- de toepasselijke rechtspraak
Voor fietsers van 14 jaar en ouder geldt op basis van rechtspraak rond artikel 185 WVW in beginsel de zogenoemde 50%-regel wanneer geen sprake is van overmacht. Bij kinderen jonger dan 14 jaar geldt een verdergaande bescherming, de zogenoemde 100%-regel, behoudens zeer uitzonderlijke situaties. De rijksoverheid heeft deze beschermingsregels in een officiële Kamerbrief toegelicht. Dit onderwerp verdient daarom een afzonderlijke juridische behandeling.
Wat geldt wanneer een voetganger wordt aangereden?
Voor voetgangers geldt bij een aanrijding met een motorrijtuig eveneens de bijzondere bescherming van artikel 185 WVW. Ook hier betekent dit niet dat iedere situatie automatisch dezelfde uitkomst heeft.
Bij de beoordeling kunnen onder meer relevant zijn:
- de leeftijd van de voetganger
- de plaats waar werd overgestoken
- verkeerslichten
- een eventueel zebrapad
- zicht en verkeerssituatie
- het gedrag van de bestuurder
- het gedrag van de voetganger
Wat geldt wanneer een kind wordt aangereden?
Kinderen krijgen in het verkeers-aansprakelijkheidsrecht een sterke bescherming. De overheid heeft in haar toelichting op artikel 185 WVW beschreven dat bij kinderen jonger dan 14 jaar een beroep op overmacht van de gemotoriseerde partij vrijwel nooit slaagt. Alleen bij opzet of aan opzet grenzende roekeloosheid van het kind kan dat anders zijn.
Ook de schadeverdeling kent voor jonge kinderen een bijzondere bescherming. Omdat dit onderwerp juridisch specifiek is, behandelen we het afzonderlijk.
Wat is overmacht?
Bij de bijzondere aansprakelijkheid van artikel 185 WVW kan de eigenaar of houder van het motorrijtuig proberen aannemelijk te maken dat sprake was van overmacht.
De officiële toelichting van de rijksoverheid geeft aan dat dit bij verkeerssituaties met kwetsbare verkeersdeelnemers slechts in uitzonderlijke omstandigheden slaagt en dat van bestuurders wordt verwacht dat zij rekening houden met mogelijk onvoorzichtig gedrag van fietsers en voetgangers.
Overmacht is daarom niet hetzelfde als “ik heb zelf geen verkeersregel overtreden”. De juridische beoordeling is strenger en sterk afhankelijk van de omstandigheden. Meer uitleg over wanneer sprake kan zijn van overmacht leest u op onze verdiepende pagina hierover.
Hoe bewijst u wie aansprakelijk is?
Wanneer beide partijen dezelfde lezing van het ongeval hebben, kan aansprakelijkheid relatief eenvoudig te beoordelen zijn. Moeilijker wordt het wanneer beide bestuurders elkaar aanwijzen als veroorzaker. Bewijs kan dan doorslaggevend worden.
Probeer daarom na een ongeval, voor zover dat veilig mogelijk is, informatie te verzamelen. Denk aan:
- foto’s van de ongevalssituatie
- foto’s van de schade
- kentekens
- verkeersborden en markeringen
- gegevens van getuigen
- schadeformulier
- camerabeelden
- dashcambeelden
De politie adviseert betrokkenen bij twijfel over de afhandeling foto’s van het ongeval en de schade te maken en gegevens van getuigen te noteren. Daarnaast adviseert de politie waar mogelijk foto’s te maken vóór voertuigen worden verplaatst, mits dit veilig kan.
Wat als er geen getuigen zijn?
Het ontbreken van getuigen betekent niet automatisch dat aansprakelijkheid niet kan worden vastgesteld. Andere vormen van bewijs kunnen eveneens relevant zijn. Bijvoorbeeld:
- foto’s
- schadepatronen
- schadeformulier
- camerabeelden
- dashcambeelden
- berichten tussen betrokken partijen
- politiegegevens
Hoe sterk het beschikbare bewijs is, hangt van de situatie af.
Is het schadeformulier bepalend?
Het schadeformulier is een belangrijk document bij de afhandeling van een verkeersongeval. Daarop kunnen bijvoorbeeld worden vastgelegd:
- betrokken voertuigen
- verzekeringsgegevens
- omstandigheden
- schade
- situatieschets
- opmerkingen van betrokkenen
Maar aansprakelijkheid wordt niet uitsluitend bepaald door één vakje of één tekening op het schadeformulier. Het formulier moet samen met de overige feiten en het beschikbare bewijs worden beoordeeld. Vul het daarom zorgvuldig en feitelijk in.
Wat als de tegenpartij zegt dat u aansprakelijk bent?
Het komt regelmatig voor dat betrokkenen een verschillende lezing van het ongeval hebben. De andere bestuurder kan bijvoorbeeld stellen dat:
- u geen voorrang verleende
- u van rijstrook veranderde
- u onverwacht remde
- u zelf tegen het voertuig reed
Een dergelijke verklaring betekent niet automatisch dat daarmee aansprakelijkheid vaststaat. Bij discussie is het belangrijk de feitelijke situatie en het beschikbare bewijs te beoordelen.
Wat als de verzekeraar aansprakelijkheid afwijst?
Een verzekeraar kan aansprakelijkheid geheel of gedeeltelijk afwijzen. Mogelijke redenen zijn bijvoorbeeld:
- een andere visie op de toedracht
- onvoldoende bewijs
- gestelde eigen schuld
- discussie over de toepasselijke verkeersregel
- discussie over het verband tussen het ongeval en de schade
Een afwijzing is een standpunt van de verzekeraar; de juridische houdbaarheid daarvan hangt af van de feiten, de toepasselijke regels en het bewijs. De onderbouwing van de afwijzing en het beschikbare tegenbewijs moeten daarom worden bekeken.
Hoe stelt u de andere partij aansprakelijk?
Wanneer u van mening bent dat een andere partij aansprakelijk is voor uw schade, kan die partij aansprakelijk worden gesteld. Daarbij is het belangrijk duidelijk te maken:
- welk ongeval heeft plaatsgevonden
- wanneer en waar het gebeurde
- wie betrokken waren
- waarom u de andere partij aansprakelijk houdt
- welke schade is ontstaan
- welk bewijs beschikbaar is
Bij letselschade kan op het moment van aansprakelijkstelling nog niet duidelijk zijn hoe groot de uiteindelijke schade zal zijn.
Wie betaalt de schade als aansprakelijkheid vaststaat?
Wanneer aansprakelijkheid wordt erkend of vastgesteld, moet vervolgens worden bepaald welke schade door het ongeval is veroorzaakt en voor vergoeding in aanmerking komt. Bij motorvoertuigen verloopt de praktische schadeafhandeling vaak via verzekeraars. De politie geeft eveneens aan dat de civielrechtelijke schuld- en schadeafhandeling bij betrokkenen en verzekeringen ligt.
Mogelijke schadeposten zijn bijvoorbeeld:
- autoschade of fietsschade
- medische kosten
- reiskosten
- inkomensschade
- huishoudelijke hulp
- andere door het ongeval veroorzaakte kosten
- bij letsel mogelijk smartengeld
Wat als de aansprakelijkheid wordt gedeeld?
Soms staat vast dat de andere partij aansprakelijk is, maar heeft het gedrag van de benadeelde eveneens aan de schade bijgedragen. Dan kan een schadeverdeling aan de orde zijn.
De wettelijke regeling over eigen schuld kan ertoe leiden dat een deel van de schade voor rekening van de benadeelde blijft. Ook kan de uiteindelijke verdeling onder omstandigheden nog worden beïnvloed door een billijkheidscorrectie.
Er bestaat daarom geen algemene regel dat gedeelde aansprakelijkheid automatisch 50% voor iedere partij betekent.
Kunt u zelf beoordelen wie aansprakelijk is?
Bij eenvoudige situaties kunt u soms al een eerste beeld krijgen door te kijken naar:
- welke verkeersdeelnemers betrokken waren
- welke verkeersregels golden
- welke verkeersbewegingen werden gemaakt
- welke partij mogelijk een fout heeft gemaakt
- of beide partijen mogelijk hebben bijgedragen
- welk bewijs beschikbaar is
- of bijzondere regels voor fietsers, voetgangers of kinderen gelden
Maar een eerste inschatting is niet hetzelfde als een definitief juridisch oordeel. Juist wanneer partijen het oneens zijn, ernstig letsel bestaat of bijzondere beschermingsregels gelden, kan de juridische beoordeling complexer zijn.
Samengevat: wie is aansprakelijk?
Bij een verkeersongeval is meestal aansprakelijk wie door een relevante fout of gedraging het ongeval en de schade heeft veroorzaakt. Daarop bestaan echter belangrijke nuances:
- bij twee motorrijtuigen wordt onder meer gekeken naar verkeersfouten, causaliteit en eventuele eigen schuld
- bij een fietser of voetganger tegenover een motorrijtuig gelden de bijzondere beschermingsregels van artikel 185 WVW
- wanneer beide partijen fouten maakten, kan de schade worden verdeeld
- wanneer partijen het niet eens zijn, wordt bewijs belangrijk
- wanneer aansprakelijkheid vaststaat, moet worden beoordeeld welke schade door het ongeval is veroorzaakt en moet worden vergoed
Bronnen
- instantiePolitie — verkeersongeval: de politie gaat niet over de civielrechtelijke schuldvraag; schadeafhandeling loopt via betrokkenen en verzekeraars
- wetsartikelWegenverkeerswet 1994, artikel 185
- wetsartikelBurgerlijk Wetboek Boek 6, artikel 101 (eigen schuld)
- instantieRijksoverheid / Ministerie van Justitie en Veiligheid — toelichting op artikel 185 WVW en de bescherming van fietsers en voetgangers (50%- en 100%-regel)
Lees ook
Juridische achtergrond
Schadevergoeding
Wat kunt u nu doen?
Wilt u weten of u mogelijk recht heeft op schadevergoeding?
Controleer met de gratis AI-claimscan of u mogelijk recht heeft op schadevergoeding.
De AI-claimscan wordt aangeboden via Claims.nl.
Liever een letselschadeadvocaat spreken?
Heeft u letsel opgelopen bij een verkeersongeval en wilt u uw mogelijke letselschadezaak met een advocaat bespreken? Bel gratis 0800-6134.
U wordt rechtstreeks doorgeschakeld naar het letselschadekantoor waarmee Verkeersongevallen.nl samenwerkt. Dit nummer is uitsluitend bedoeld voor mogelijke letselschadezaken.
Deze informatie is algemeen van aard en vormt geen juridisch advies. Wat in uw situatie geldt, is afhankelijk van de omstandigheden. Zie ons redactioneel beleid en onze disclaimer.