Overlijdensschade na een verkeersongeval: wat kan worden vergoed?
Wanneer iemand door een verkeersongeval overlijdt, kunnen bepaalde nabestaanden naast het persoonlijke verlies ook financiële gevolgen ondervinden. Een inkomen kan wegvallen, de verdeling van huishoudelijke taken verandert en er ontstaan kosten rond de uitvaart. Wanneer een ander aansprakelijk is voor het overlijden, kunnen bepaalde financiële gevolgen onder voorwaarden als overlijdensschade worden vergoed. Overlijdensschade moet worden onderscheiden van [affectieschade](/affectieschade). Affectieschade is een vaste vergoeding voor het verdriet van bepaalde naasten; overlijdensschade ziet juist op specifieke financiële gevolgen van het overlijden.
Kort antwoord
Overlijdensschade is financiële schade die bepaalde nabestaanden lijden doordat iemand overlijdt als gevolg van een gebeurtenis waarvoor een ander aansprakelijk is. De Letselschade Raad omschrijft overlijdensschade als vermogensschade door onder meer het wegvallen van levensonderhoud en kosten rond de begrafenis of lijkbezorging. De schade wordt niet berekend door simpelweg het volledige inkomen van de overledene door te trekken. Er wordt gekeken naar de financiële situatie die waarschijnlijk zou hebben bestaan zonder het overlijden en deze wordt vergeleken met de werkelijke situatie daarna. Het rekenmodel van De Letselschade Raad beschouwt het gezin daarbij als economische eenheid.
Wat is overlijdensschade?
Overlijdensschade is een bijzondere vorm van vermogensschade.
Het gaat niet om vergoeding voor verdriet. Daarvoor bestaat onder voorwaarden de afzonderlijke regeling voor affectieschade.
Bij overlijdensschade staat de financiële positie centraal. Denk bijvoorbeeld aan:
- het wegvallen van inkomen waarmee het gezin werd onderhouden
- het wegvallen van huishoudelijke arbeid
- bepaalde kosten rond de uitvaart
- toekomstige financiële gevolgen voor partner of kinderen
De wettelijke regeling kent specifieke voorwaarden voor wie dergelijke schade kan vorderen.
Wat is verlies van levensonderhoud?
Verlies van levensonderhoud is doorgaans de belangrijkste schadepost bij overlijdensschade.
Stel dat een overledene maandelijks inkomen verdiende en daarmee bijdroeg aan:
- hypotheek of huur
- boodschappen
- energie
- kleding
- vervoer
- kosten voor kinderen
- vakanties
- andere gezinsuitgaven
Door het overlijden valt die bijdrage geheel of gedeeltelijk weg.
De schade bestaat echter niet simpelweg uit het gehele verdwenen inkomen.
De overledene gebruikte namelijk zelf ook een deel van het gezinsinkomen.
Bij de berekening moet daarom worden onderzocht welk bedrag vóór het overlijden beschikbaar was voor de gezamenlijke huishouding en welk bedrag daarna beschikbaar blijft.
Waarom wordt niet het hele salaris vergoed?
Een eenvoudig voorbeeld laat dit verschil zien.
Een huishouden bestaat uit twee partners en twee kinderen.
Partner A verdiende € 50.000 netto per jaar en partner B € 25.000.
Wanneer partner A overlijdt, valt € 50.000 inkomen weg.
Maar het betekent niet dat de jaarlijkse overlijdensschade automatisch € 50.000 bedraagt.
Ook de persoonlijke uitgaven van partner A vallen immers weg.
Daarnaast kunnen na het overlijden andere veranderingen optreden, bijvoorbeeld:
- andere belastingpositie
- nabestaandenpensioen
- gewijzigde woonlasten
- veranderde kinderopvangkosten
- eigen inkomensontwikkeling van partner B
Daarom wordt de schade met een uitgebreider rekenmodel vastgesteld.
Hoe wordt overlijdensschade berekend?
De Letselschade Raad heeft een richtlijn met een rekenmodel voor overlijdensschade.
Daarbij wordt het samenlevingsverband — meestal het gezin — als economische eenheid beschouwd.
In hoofdlijnen worden twee situaties met elkaar vergeleken:
Situatie zonder ongeval
Hoe zou de financiële positie van het huishouden waarschijnlijk zijn geweest als de overledene was blijven leven?
Situatie na overlijden
Hoe ziet de feitelijke financiële positie van de nabestaanden eruit na het overlijden?
Het verschil kan de basis vormen voor de overlijdensschade.
De daadwerkelijke berekening kan echter veel variabelen bevatten.
Welke inkomsten kunnen relevant zijn?
Afhankelijk van de concrete situatie kunnen bijvoorbeeld worden onderzocht:
- salaris
- vakantiegeld
- bonussen
- structurele toeslagen
- winst uit onderneming
- pensioenopbouw
- toekomstige carrièreontwikkeling
- inkomen van de achterblijvende partner
Niet iedere mogelijke toekomstige inkomstenstijging kan zonder meer als vaststaand worden meegenomen.
Toekomstverwachtingen moeten voldoende aannemelijk kunnen worden gemaakt.
Voorbeeld: werknemer met gezin
Een werknemer overlijdt op 40-jarige leeftijd bij een verkeersongeval.
Hij woonde samen met zijn partner en twee jonge kinderen.
Bij de schadeberekening kan onder meer worden gekeken naar:
- huidig netto inkomen
- aannemelijke toekomstige ontwikkeling van het inkomen
- pensioenleeftijd
- inkomen van de partner
- gezinssamenstelling
- financiële behoeften van de kinderen
- eigen consumptie van de overledene
- toekomstige wijzigingen in het huishouden
Daaruit volgt niet één standaardbedrag.
De schade kan per gezin sterk verschillen.
Wat als de overledene zelfstandige was?
Bij een ondernemer of zzp'er kan de berekening ingewikkelder worden.
Er moet dan bijvoorbeeld worden onderzocht:
- historische winst
- omzet
- zakelijke kosten
- structurele opdrachten
- groei van de onderneming
- economische omstandigheden
- persoonlijke arbeid van de ondernemer
- mogelijkheid om de onderneming voort te zetten of te verkopen
Een hoge omzet is niet hetzelfde als persoonlijk inkomen.
Ook toekomstige groei mag niet zonder onderbouwing als vaststaand worden aangenomen.
Huishoudelijke werkzaamheden kunnen ook waarde hebben
De bijdrage van de overledene aan het huishouden bestond mogelijk niet alleen uit geld.
Denk ook aan:
- koken
- schoonmaken
- onderhoud
- vervoer van kinderen
- administratie
- zorg voor kinderen
- andere werkzaamheden in en rond het gezin
Wanneer deze taken na het overlijden door anderen moeten worden overgenomen, kunnen daar financiële gevolgen aan verbonden zijn.
De exacte behandeling daarvan hangt af van de concrete omstandigheden en het toepasselijke rekenmodel.
Voorbeeld: partner werkte minder maar deed veel thuis
Partner A werkte drie dagen per week en verdiende minder dan partner B, maar verzorgde een groot deel van:
- kinderopvang
- huishouden
- vervoer
- koken
Na het overlijden van A moet B extra opvang en huishoudelijke hulp regelen.
Het zou onjuist zijn om te concluderen dat de financiële schade gering is alleen omdat A een relatief laag salaris had.
Ook de economische waarde van weggevallen huishoudelijke bijdragen kan relevant zijn.
Welke uitvaartkosten kunnen worden vergoed?
Naast verlies van levensonderhoud kunnen bepaalde kosten van de lijkbezorging voor vergoeding in aanmerking komen.
De Letselschade Raad noemt begrafeniskosten expliciet als onderdeel van overlijdensschade.
Denk afhankelijk van de omstandigheden bijvoorbeeld aan kosten van:
- uitvaartondernemer
- begrafenis of crematie
- kist
- vervoer
- rouwkaarten
- ceremonie
Niet iedere gewenste uitgave is automatisch volledig verhaalbaar.
De kosten moeten juridisch voldoende verband houden met de lijkbezorging en redelijk zijn.
Bewaar facturen en betalingsbewijzen.
Wat als er een uitvaartverzekering is?
Een uitvaartverzekering kan een deel van de kosten betalen.
Hoe een dergelijke uitkering uiteindelijk in de civiele schadeberekening moet worden behandeld, hangt af van de juridische aard van de verzekering en omstandigheden.
Er kan daarom geen algemene uitspraak worden gedaan dat de uitvaartverzekering altijd volledig wordt afgetrokken, of dat de verzekeringsuitkering nooit invloed heeft.
De samenloop van schadevergoeding en verzekeringsuitkeringen vraagt een afzonderlijke juridische beoordeling.
Wie kan verlies van levensonderhoud claimen?
Niet iedere nabestaande heeft automatisch een aanspraak op vergoeding van verlies van levensonderhoud.
De wet kent specifieke categorieën van personen die onder voorwaarden een dergelijke schade kunnen vorderen.
Daarbij speelt onder meer de feitelijke en juridische afhankelijkheid van de overledene een rol.
Binnen een gezin kunnen daarom verschillende personen verschillende aanspraken hebben.
De algemene positie van nabestaanden wordt uitgebreider behandeld op nabestaanden na een verkeersongeval.
Kunnen kinderen overlijdensschade hebben?
Ja, dat kan.
Wanneer een ouder overlijdt, kan voor kinderen verlies van levensonderhoud ontstaan.
Bij de berekening kan rekening worden gehouden met bijvoorbeeld:
- leeftijd
- gezinssituatie
- financiële bijdrage van de overleden ouder
- verwachte duur van onderhoud
- ontwikkeling richting financiële zelfstandigheid
Het rekenmodel van De Letselschade Raad bevat specifieke uitgangspunten voor kinderen binnen de berekening van overlijdensschade.
Er kan geen algemene uitspraak worden gedaan dat ieder kind tot een vaste leeftijd automatisch hetzelfde bedrag krijgt.
Hoe wordt de toekomst berekend?
Overlijdensschade kan voor vele jaren financiële gevolgen hebben.
Daarom moeten aannames worden gemaakt over een toekomst die nooit met zekerheid kan worden voorspeld. Bijvoorbeeld over:
- carrièreontwikkeling
- inkomensgroei
- pensioen
- gezinsontwikkeling
- moment waarop kinderen zelfstandig worden
- ontwikkeling van het inkomen van de partner
Daarbij moet onderscheid worden gemaakt tussen voldoende aannemelijke verwachtingen en speculatieve mogelijkheden.
Een denkbare promotie zonder concrete aanwijzingen kan bijvoorbeeld niet op dezelfde manier worden behandeld als een reeds afgesproken salarisverhoging.
Wordt pensioen meegenomen?
Pensioen kan relevant zijn voor zowel:
- de hypothetische financiële situatie zonder ongeval
- de werkelijke situatie na het overlijden
Bijvoorbeeld omdat:
- de overledene pensioen zou hebben opgebouwd
- een partner nabestaandenpensioen ontvangt
- het inkomen na pensionering anders zou zijn geweest
De precieze verwerking kan complex zijn en hangt af van de pensioenregeling en omstandigheden.
Heeft het inkomen van de achterblijvende partner invloed?
Dat kan.
De overlijdensschade wordt vastgesteld vanuit de financiële positie van het huishouden. Daarom kan ook het inkomen van de achterblijvende partner relevant zijn.
Dit betekent niet dat een nabestaande verplicht is onmiddellijk meer te gaan werken om de schade te beperken.
Vragen rond mogelijke toekomstige arbeidsmogelijkheden moeten zorgvuldig en redelijk worden beoordeeld.
Wat als de partner na het overlijden meer of minder gaat werken?
Dat kan invloed hebben op de feitelijke financiële situatie.
Maar een wijziging in werkuren moet niet automatisch zonder context als een volledige schadebeperkingsverplichting worden behandeld.
Bijvoorbeeld: een achterblijvende ouder gaat tijdelijk minder werken om voor jonge kinderen te zorgen. Dat kan juist samenhangen met het wegvallen van de zorgbijdrage van de overleden partner.
De financiële gevolgen moeten daarom in samenhang worden bekeken.
Wat gebeurt er bij een nieuwe partner?
Een nieuwe relatie kan in een langdurige overlijdensschadeberekening juridische vragen oproepen.
Daarover kunnen op deze algemene pagina geen absolute uitspraken worden gedaan.
Of en hoe een nieuwe relatie invloed heeft, hangt af van:
- toepasselijke wetgeving
- concrete financiële omstandigheden
- relevante rechtspraak
- de manier waarop de schade wordt begroot
Dit onderwerp vraagt bij een concrete zaak gespecialiseerde beoordeling.
Kunnen voorschotten worden betaald?
Een definitieve overlijdensschadeberekening kan veel tijd kosten.
Wanneer aansprakelijkheid voldoende vaststaat en duidelijk is dat schade bestaat, kan een voorschot mogelijk zijn.
Dat kan relevant zijn wanneer een gezin plotseling inkomen mist terwijl vaste lasten doorlopen.
Een voorschot wordt later verrekend met de definitieve schadevergoeding.
Het is dus geen extra vergoeding bovenop de uiteindelijke schade.
Voorbeeld: directe financiële problemen
Een ouder die het grootste deel van het gezinsinkomen verdiende overlijdt.
De hypotheek, energiekosten en dagelijkse uitgaven lopen direct door.
De volledige schadeberekening kan maanden of langer duren.
Wanneer de aansprakelijkheid voldoende vaststaat, kan worden onderzocht of tussentijdse voorschotten passend zijn om reeds duidelijke schade op te vangen.
Wat als aansprakelijkheid nog wordt onderzocht?
Dan kan de schaderegeling ingewikkelder zijn.
Zonder erkende of voldoende vastgestelde aansprakelijkheid staat nog niet vast wie de overlijdensschade moet dragen.
Bewaar ondertussen wel relevante financiële gegevens.
De aansprakelijkheidsvraag en de schadeberekening zijn namelijk afzonderlijke stappen: eerst aansprakelijkheid, daarna omvang van de schade.
Lees bij een afwijzing verder op verzekeraar wijst aansprakelijkheid af.
Is affectieschade onderdeel van overlijdensschade?
De begrippen worden in het dagelijks gebruik soms door elkaar gehaald, maar juridisch moeten zij afzonderlijk worden behandeld.
Overlijdensschade
Financiële schade, zoals verlies van levensonderhoud en bepaalde kosten rond de uitvaart.
Affectieschade
Een vaste immateriële vergoeding voor bepaalde naasten of nabestaanden.
De huidige wettelijke bedragen voor affectieschade liggen tussen € 12.500 en € 20.000.
Een persoon kan afhankelijk van de situatie mogelijk voor beide categorieën in aanmerking komen.
Is overlijdensschade hetzelfde als smartengeld?
Nee.
Smartengeld gaat om immateriële schade van iemand die zelf slachtoffer is geworden.
Overlijdensschade betreft specifieke financiële schade van bepaalde nabestaanden.
Affectieschade is vervolgens weer een afzonderlijke regeling voor het leed van bepaalde naasten of nabestaanden.
Deze begrippen mogen daarom niet als synoniemen worden gebruikt.
Moet overlijdensschade worden bewezen?
De financiële uitgangspunten moeten voldoende worden onderbouwd.
Daarbij kunnen relevante stukken zijn:
Inkomen
- loonstroken
- jaaropgaven
- arbeidsovereenkomst
- werkgeversverklaring
Zelfstandige
- jaarrekeningen
- belastingaangiften
- winst- en verliesrekeningen
- zakelijke administratie
Huishouden
- hypotheek- of huurgegevens
- gezinssamenstelling
- vaste lasten
Pensioen
- pensioenoverzichten
- informatie over nabestaandenpensioen
Uitvaart
- facturen
- betaalbewijzen
Niet ieder document is in iedere zaak noodzakelijk.
Vraag bij twijfel welke stukken daadwerkelijk relevant zijn voor de berekening.
Waarom kan de berekening lang duren?
Er kunnen veel toekomstige variabelen spelen.
Bovendien moeten partijen het eens worden over aannames zoals:
- carrièreontwikkeling
- pensioen
- toekomstige inkomsten
- kosten van kinderen
- duur van financiële afhankelijkheid
Het is daarom mogelijk dat een overlijdensschadezaak niet in korte tijd definitief kan worden afgerond.
Dat betekent niet dat duidelijke schadeposten daarom altijd moeten wachten tot alle toekomstige onzekerheden zijn opgelost.
Moet u akkoord gaan met de berekening van de verzekeraar?
Niet zonder te begrijpen welke uitgangspunten zijn gebruikt.
Vraag bij een berekening om inzicht in:
- inkomensgegevens
- persoonlijke consumptie
- gezinssamenstelling
- looptijd
- pensioen
- gehanteerde toekomstige ontwikkelingen
- meegenomen uitkeringen
- rente- of kapitalisatiefactoren indien relevant
Een verschil van mening kan niet alleen over cijfers gaan, maar ook over de aannames achter die cijfers.
Kan een belangenbehartiger helpen?
Bij eenvoudige uitvaartkosten is uitgebreide juridische begeleiding niet altijd noodzakelijk.
Bij structureel verlies van levensonderhoud kan gespecialiseerde ondersteuning wel zinvol zijn. Met name wanneer:
- een jong gezin is getroffen
- grote inkomensverschillen bestaan
- de overledene ondernemer was
- toekomstige carrièreontwikkeling relevant is
- pensioen een grote rol speelt
- aansprakelijkheid wordt betwist
- een verzekeraar een definitieve regeling voorstelt
Een professional kan de berekening beoordelen, maar geen bepaald schadebedrag garanderen. Zie ook belangenbehartiger letselschade en letselschade-advocaat.
Wat moet u doen vóór een definitieve afwikkeling?
Controleer minimaal:
- Welke nabestaanden zijn in de berekening opgenomen?
- Welke inkomens zijn gebruikt?
- Welke toekomstige verwachtingen zijn aangenomen?
- Hoe zijn huishoudelijke bijdragen verwerkt?
- Welke pensioeninkomsten zijn meegenomen?
- Hoe zijn uitvaartkosten behandeld?
- Welke verzekerings- of andere uitkeringen zijn verwerkt?
- Welke voorschotten zijn al betaald?
- Tot welke datum loopt de berekening?
- Geeft de overeenkomst finale kwijting?
Hulp bij overlijdensschade
Een berekening van structureel verlies van levensonderhoud kan financieel en juridisch ingewikkeld worden.
U hoeft deze berekening niet direct na het overlijden te maken.
Vraag eerst de informatie en ondersteuning die op dat moment nodig is.
Wanneer u op een later moment wilt laten beoordelen welke financiële schade mogelijk juridisch verhaalbaar is, kan gespecialiseerde hulp passend zijn. Zie ook dodelijk verkeersongeval en overlijden na een verkeersongeval.
Het volledige inkomen van de overledene is niet automatisch de overlijdensschade
De berekening vergelijkt de financiële positie zonder het overlijden met de situatie erna. Daarbij spelen onder meer eigen consumptie, andere inkomsten, gezinssamenstelling en toekomstige ontwikkelingen een rol.
Controleer de uitgangspunten achter de berekening
Vraag niet alleen naar het eindbedrag, maar ook welke inkomens, looptijden, pensioenbedragen en toekomstverwachtingen zijn gebruikt.
Let op
Het overlijden van iemand met inkomen betekent niet automatisch dat dit volledige inkomen als schade aan nabestaanden wordt vergoed. Er moet worden beoordeeld welk deel daadwerkelijk bijdroeg aan hun levensonderhoud en hoe de financiële situatie door het overlijden is veranderd.
Bewaar documenten over de financiële toekomst
Bewaar documenten die iets zeggen over de financiële toekomst van de overledene, zoals arbeidsovereenkomsten, salarisinformatie, pensioenoverzichten, zakelijke jaarcijfers en concrete afspraken over arbeidsontwikkeling.
Wees voorzichtig vóór ondertekening
Bij overlijdensschade kunnen toekomstige financiële gevolgen groot zijn. Een definitieve regeling kan latere aanspraken afsluiten. Zorg daarom dat u de uitgangspunten en gevolgen begrijpt vóór ondertekening.
Veelgestelde vragen
Bronnen
Lees ook
Juridische achtergrond
Schadevergoeding
Wat kunt u nu doen?
Controleer met de gratis AI-claimscan of u mogelijk recht heeft op schadevergoeding.
De AI-claimscan wordt aangeboden via Claims.nl.
Deze informatie is algemeen van aard en vormt geen juridisch advies. Wat in uw situatie geldt, is afhankelijk van de omstandigheden. Zie ons redactioneel beleid en onze disclaimer.